De kunst van het stellen van vragen en doorvragen
t

Oefening: van gesloten vragen open vragen maken

Eerder heb ik geschreven over wat veel mensen als het verschil vinden tussen open en gesloten vragen. Kort door de bocht worden in ieder geval ja/nee-vragen maar ook andere meerkeuze-vragen als gesloten vragen gezien. Vragen die beginnen met een vraagwoord zijn daarentegen open.

Terzijde, maar later heb ik ook laten zien dat het maken een hard verschil tussen open vragen en gesloten vragen  best wel discutabel is. Vragen zijn eerder in meer of mindere mate open/gesloten. Daarnaast heb ik laten zien dat je ook kunt kijken naar hoe iemand reageert om vast te stellen of een vraaghandeling open dan wel gesloten is. Want ook dan kan ineens blijken dat een in theorie gesloten vraag door de ander ineens als open vraag wordt opgevat. Deze twee punten laten we echter maar even voor wat het is.

Even dus het standaardverschil tussen open en gesloten vragen volgend, ken je vast ook wel de regel dat het vaak beter is om open vragen te stellen in plaats van gesloten vragen.

Iemand die de kunst van het stellen van vragen verstaat, kan makkelijk schakelen tussen gesloten vragen en open vragen. En kan ook makkelijk een gesloten vraag open maken.

Om dit te oefenen, vind je hieronder tien vragen. De vraag aan jou is om de gesloten vragen te herformuleren naar open vragen.
 
Oefening: maak van gesloten vragen open vragen

Oefening open vragen stellen

Maak van de volgende gesloten vragen open vragen. Je ontkomt er hierbij niet aan om de gesloten vraag reeds te beantwoorden (en iets aan te nemen). Met andere woorden: je vult al deels iets voor de ander in. Dit zal soms leiden tot suggestieve vragen. Een voorbeeld:
Gesloten vraag: Ga je naar het college Presenteren?
Open vraag: Hoe laat ga je naar het college Presenteren? (dit impliceert reeds dat de ander ook gaat)

De gesloten vragen:

  1. Ga je vanavond nog trainen?
  2. Ben je tevreden over onze service?
  3. Wilt u nog wat drinken?
  4. Geloof jij in God?
  5. Ben je al lang thuis?
  6. Deed dat voorval iets met je?
  7. Heb je een leuke vakantie gehad?
  8. Begrijp je wat ik bedoel?
  9. Ben je ziek?
  10. Hou je van me?



Aanvullingen of betere vragen zijn als altijd welkom!

  
Meer over: ,